Australië werd pas in 1770 geclaimd door een Europese natie. James Cook, een Britse luitenant, eiste het continent toen op voor zijn land. In eerste instantie werd Australië in gebruik genomen als strafkolonie. Veroordeelde criminelen werden vanuit Groot-Brittannië verscheept en moesten hier dwangarbeid verrichten. Uiteindelijk zouden veel van hen na hun straf op het eiland blijven wonen. Maar vanwege de lage landprijzen kwamen er ook Britse burgers hun geluk beproeven op het eiland.
Kolonisatie
De Engelse settlers richten meerdere kolonies op aan de kust van het eiland. Vanuit deze kolonies werd het binnenland stukje bij beetje verkend. Men vond daar geschikt land voor landbouw, om vee te houden, en ook diverse goudmijnen werden ontdekt. Rapporten over de mogelijkheden die het nieuwe continent bood zwengelden de emigratie vanuit Engeland verder aan.
Conflicten met de Aboriginals
Het standpunt van de Engelse regering was dat Australië een “Terra nullius” was, oftewel een leeg land. De inheemse bevolking, de Aboriginals, werden dan ook op grote schaal verdreven uit hun traditionele leefgebieden. Een cyclus van kleinschalige gewapende conflicten en wraakacties vond plaats. Het verdrijven en doden van de inheemse bevolking nam op sommige plekken de vorm van een etnische zuivering aan. Zo werden de Tasmaanse Aboriginals nagenoeg uitgeroeid.